Verantwoordelijkheid

Werknemers beleven het meeste plezier aan hun werk wanneer ze zelf mogen bepalen hoe hun werk in te delen. Voor ons dorp geldt dat net zo: hoe meer we zelf invullen , des te aangenamer het kan worden. Door zelf te beslissen in plaats van een ander dat te laten doen moeten we ook bereid zijn onze eigen verantwoordelijkheid te nemen voor ons dorp.
In ons dorp gaat het om deze betrokkenheid bij elkaar.
Democratie bij ons betekent dat we zelf alle besluiten nemen die relevant zijn. We gaan niet oeverloos vergaderen maar leggen de verantwoordelijkheid voor elk deel steeds bij de betrokkenen; vervolgens voeren deze het uit en/of vullen het in.

Laten we klein beginnen
Een kinderspeelplaats moet aansluitend aan de huizen gesitueerd zijn. Een binnenpleintje is zeer geschikt. De ouders van de kinderen kunnen gezamenlijk besluiten hoe de speelplaats ingericht wordt en hoe toezicht gehouden wordt. Zo heeft elke groep gebruikers zeggenschap over haar eigen werkplaats, atelier, school, enz.

Door een of twee maal per jaar een grote vergadering te houden waar we de ontwikkeling bespreken en de prioriteiten voor de toekomst stellen (een jaarplan en evaluatie dus) hebben we genoeg gezamenlijk overleg gehad.

Het dorp heeft belang bij een aantal ondersteunende diensten. Een voorbeeld is een administratiekantoortje voor boekhouding en verdere administratie. Zo'n dienst heeft geen inspraak bij de gang van zaken voor de bedrijfjes waar het ondersteuning aan geeft. Het kan alleen adviezen geven.
Voor de energievoorziening lijkt een ouderwets nutsbedrijf prima te kunnen voldoen. Dat wil zeggen energie leveren zonder winstoogmerk. Veilig en betrouwbaar. Daar gaat het om. Winst maken is een element dat de moderne samenleving heeft ondermijnd. Een nutsbedrijf moet zorgen voor een product en dat product moet veilig en betrouwbaar zijn.

Een feestcomité is belangrijk. Regelmatig moet er een feest zijn of een festival.
Dorp ben je ook door wat je samen viert. We kunnen een oogstfeest maken omdat we blij zijn met de oogst, maar net zo goed tegen het einde van de voorraad een periode van schaarste tegemoet gaan. In veel streken is daarvoor een carnaval: nog even net doen alsof er genoeg van alles is en daarna een sobere periode.

Wanneer de structuren van wonen en werken zo zijn, dat jezelf, alleen of in gezamenlijkheid met anderen, ook verantwoordelijk bent voor fouten en falen, vraagt dat een nieuwe manier van omgaan daarmee. Je kunt het gebeurde niet meer afschuiven of de schuld aan anderen geven. Er is namelijk geen "baas" die verantwoordelijk is. We zijn samen verantwoordelijk, elk voor ons eigen stukje.

Hopelijk zul je al wonend en werkend in ons dorp merken dat je meer kunt en bent dan je dacht en kom je zo ook dichter bij jezelf.